Hawker Brood en Banket Bakkerij

Brood en Banket Bakkerij Hawker stond in de volksmond bekend als Hawker Bakkerij. De bakkerij was bekend om zijn lekkere puntbroden, gevlochten broden, finga kuku en brock mouth. Hawker Bakkerij was een begrip in Nieuw-Nickerie. Rond het kerstfeest en oudjaar kwamen vrouwen hun cake daar bakken, omdat zij thuis geen oven hadden.

De bakkerij was eigendom van Albert Eduard Hawker, geboren op 13 mei 1888 en overleden op 11 december 1961. Albert Eduard Hawker was getrouwd met Margaretha Magdalena Sagten. Samen kregen ze drie kinderen: Ludwig, Siegfried en Wilma. Hawker Bakkerij stond aan de Achterstraat in Nieuw-Nickerie, het huidige Doergastraat.

Oprichting Hawker Bakkerij

De bakkerij is tussen 1944 en 1946 opgericht. Op een gegeven moment had Eduard Hawker zijn zoon Ludwig nodig om de dagelijkse leiding van de bakkerij op zich te nemen. Eduard was topambtenaar bij de Belastingdienst in Nieuw-Nickerie en kon zich dus niet bezighouden met de dagelijkse leiding van de bakkerij. Hij bedacht een list om Ludwig te lokken naar Nieuw-Nickerie, zodat hij de leiding van de bakkerij op zich kon nemen. Eduard liet een telegram sturen aan Ludwig met de tekst: ‘Kom terug naar Nieuw-Nickerie, vader ligt op sterven’. Toen Ludwig het telegram las, keerde hij onmiddellijk met de eerste gelegenheid terug naar Nieuw-Nickerie. Zijn werk en muziek liet hij achter in Paramaribo. Maar toen hij terugkwam naar Nieuw-Nickerie ontdekte hij dat het een opgezette zaak was om hem in Nieuw-Nickerie te krijgen om de leiding op de bakkerij op zich te nemen. Ludwig had geen keus, omdat hij zijn baan in Paramaribo al had opgezegd.

Wonen en werken in Paramaribo

Ludwig Hawker vertrok op jonge leeftijd naar Paramaribo waar hij enkele jaren woonde en werkte bij de Bruynzeel Suriname Houtmaatschappij. Ludwig was muzikaal aangelegd en speelde viool in het Filharmonisch Orkest van Paramaribo. Destijds een zeer gewaardeerd muziekorkest, waarbij de leden op basis van het lezen van bladmuziek hun instrument bespeelden. Destijds was het een strenge vereiste om bladmuziek te kunnen lezen om lid te kunnen worden van het orkest. Voor Ludwig was dat geen probleem, omdat hij veel aan zelfstudie deed uit muziekboeken van onder meer Bach, Beethoven en Chopin. Deze boeken waren netjes opgeborgen in een witte kist in zijn slaapkamer.

Huwelijksnacht van Ludwig en Delia

Een geluk bij een ongeluk. Ludwig had achteraf gezien geen spijt van deze actie van zijn vader, want in die periode leerde hij zijn vrouw Henriette Fidelia Eduardina Mac-Intosch kennen. Op 6 juni 1951 traden Ludwig en Delia in het huwelijksbootje. Het was een bijzondere huwelijksnacht. Het huwelijksfeest vond plaats in het huis van Albert Eduard Hawker, voorin van de bakkerij. Enkele vrienden en arbeiders waren uitgenodigd voor het feest. Maar het werd laat, terwijl de voorbereiding voor het bakken en leveren van brood getroffen moesten worden. De arbeiders hadden een glaasje op en zij stelden telkens het moment uit om naar huis te gaan om zich om te kleden voor het werk. Het werd steeds later en later en op een gegeven moment bracht Eduard een einde aan het feest. Ondertussen waren Ludwig gevolgd door zijn moeder naar de bakkerij gegaan om het bakproces te starten. Delia zag dat gebeuren en trok ook haar werkkleding aan om haar man te gaan helpen met het bakken van brood. Klanten verwachten in de ochtend hun brood en houden geen rekening met arbeiders die niet kwamen opdagen om hun werk te doen.

Militaire Dienst of ‘Skotriki’ vervullen

Rond het begin of tijdens de Tweede Wereldoorlog werden jongemannen in Nieuw-Nickerie opgeroepen om zich te laten keuren om in militaire dienst te treden, de zogenaamde ‘skotriki’. Albert Eduard Hawker kon zijn zoon en bedrijfsleider van de bakkerij niet missen in de dagelijkse operatie van de bakkerij. Daarom besloot hij een vriend van hem, een zekere arts Raadgever, te vragen om Ludwig Hawker af te keuren voor de militaire dienst. Ludwig was hierdoor behouden gebleven voor de bakkerij. Enkele arbeiders van de bakkerij waren ook opgeroepen om zich te laten keuren voor de militaire dienst, maar daar stak Ludwig een stokje voor. In het bijzijn van een medewerker van het commissariaat van Nieuw-Nickerie hield hij zijn arbeiders voor dat hij hier achter de ingang van de bakkerij een stuk hout had geplaatst, die zij niet mochten weghalen. Dit was om deze vertegenwoordiger van de district-commissaris (dc) te intimideren. De vertegenwoordiger van de district-commissaris nam het zekere voor het onzekere en koos het hazenpad. Ludwig moest zich hierover verantwoorden voor de district-commissaris en werd ontboden. Hij ging vroeg naar het commissariaat en wachtte geduldig totdat hij zou worden opgeroepen. Enkele uren later vroeg de district-commissaris aan zijn secretaresse waar de heer Hawker bleef. Toen antwoordde zij dat de heer Hawker in de wachtruimte zat keurig te wachten wanneer hij zou worden opgeroepen. Alhoewel de dc daar rondliep had hij niet gedacht dat Ludwig al daar zat. Hij had een heel grote kerel verwacht, want zijn vertegenwoordiger was enorm groot gebouwd, dus als hij bang was voor Ludwig, dan moest Ludwig een hele grote kerel zijn.

Voorbereiden brood bakken

Hij werd in de dagelijkse operatie van de bakkerij bijgestaan door zijn vrouw Delia en de kinderen. De bakkerij had ongeveer 10 arbeiders in dienst, die in ploegendienst werkten. Rond vier uur ’s middags begon de voorbereiding van het bakproces van brood en aanverwante producten. Het deeg werd in de deegmachine met een soort anker gereedgemaakt. Voordat de bakkerij beschikte over de deegmachine, bereidden de werknemers de deeg handmatig. Nadat het deeg gereed was, werd het op schone tafels in vooraf bepaalde formaten gesneden en gerold. Daarna werd hout in de oven geplaatst om later aangestoken te worden. Daarna moest het brood enkele uren rijzen. Rond elf uur ’s avonds gingen Ludwig en Delia met enkele arbeiders naar de bakkerij om de oven aan te zetten en het brood voor de volgende ochtend in metalen blakers te bakken. De blakers werden met een stuk hout (pari) in de oven geschoven. Het aanmaken van de oven was geen eenvoudige klus. Het hout moest vakkundig zijn geplaatst, zodat de rook en de hitte niet de bakkerij in kwam, maar via de schoorsteen naar buiten ging.

Grond- en hulpstoffen

In brood zit onder meer meel, suiker, water en zout verwerkt. Ludwig kocht meel bij Winkel Doerga schuin tegenover de bakkerij op de hoek van de Emma- en Doergastraat. In sommige soorten brood werden krenten, rozijnen en essence verwerkt. Om de oven te stoken, kocht Ludwig hout bij de lokale zagerij aan de Maynardstraat. De arbeiders hakten het hout in stukken en plaatsten die vakkundig in de oven. Uit de inkomsten van de bakkerij werden de water- en elektriciteitsrekening betaald. En natuurlijk ook het loon aan de arbeiders.

Brood leveren aan de TRIS

Hawker Bakkerij was 16 jaar de vaste leverancier van brood aan de militairen van de Troepenmacht in Suriname (TRIS). En de lekkere gezonde broodjes van Hawker Bakkerij kwamen steeds in aanmerking om geleverd te worden aan de militairen van de TRIS. De bakkerij leverde ook brood aan enkele winkels en particulieren in de omgeving van Nieuw-Nickerie. Ludwig had een bromfiets waarmee hij brood bracht naar de verre plaatsen. Brood bestellen was verder uitbesteed aan de jongens Roy, Errol, Kenneth, Wilfred en John. Elk hadden zij hun eigen wijk en zij brachten het brood langs in meelzakken per fiets. Ludwig besteedde ook veel aandacht aan schoonmaak en hygiëne in en rond de bakkerij. De Hygiënische Dienst van Volksgezondheid kwam regelmatig langs om de bakkerij te inspecteren.

Vrouwen kwamen koek bakken

Rond de kerstdagen en het oudjaar kwamen vrouwen langs om hun koek te laten bakken in de bakkerij. Dat was een hele happening. Heel bijzonder, omdat in die dagen een gasfornuis thuis hebben een luxe was, alleen voor de rijken en de beter gesitueerden in Nieuw-Nickerie. De vrouwen begonnen met de voorbereidingen om hun koek te bakken: meel, krenten en rozijnen en enkele soorten flessen essences. De hele massa werd in de prapi met een pari gereedgemaakt, totdat het gereed was om in een koekenpan te zetten, te laten rijzen en vervolgens in de oven te plaatsen. Als kleine jongens mochten wij de prapi’s schoonmaken. Maar dat deden we eerst nadat wij de restjes koekbeslag hadden gelikt.

Johanna Rolinda Cruden-Koulen

Johanna Rolinda Cruden-Koulen woont aan de Balatastraat nummer 82, het huidige Tam Adamsonstraat. Zij woonde als kind naast de winkel van Doerga en kan dus worden gezien als een van de buren van de familie Hawker. Zij is geboren op 5 november 1927.
Johanna Rolinda Cruden-Koulen: “Voor zover mij bekend hadden de heer Eduard en mevrouw Hawker drie kinderen namelijk: Ludwig, Wilma en Siegfried. Ludwig was getrouwd met Delia Hawker. Uit dat huwelijk zijn er twaalf kinderen geboren. Ludwig had een voorkind Mavis Hawker, die inwoonde in het huis van de heer Hawker aan de Achterstraat. Ludwig speelde viool en had later de leiding over de bakkerij.

Over de bakkerij

De bakkerij stond achter op het erf van de heer Hawker aan de Achterstraat. Het was opgetrokken uit hout met een vloer van gepleisterd modder. Voor die tijd was dat gebruikelijk. Het transport van brood naar de klanten vond plaats op speciale fietsen met achterop een mand of een bak. De blomzakken werden verkleind en daar werden de broden in vervoerd naar de klanten. Nieuw-Nickerie kende in die tijd ook bakkerijen zoals: Lie Ten aan de overkant van winkel Elias, een bakkerij waar nu Sita’s Supermarket staat en een bakkerij aan de Oostkanaalstraat. Brood werd in een grote oven gebakken. Nadat de oven met hout was voorverwarmd werd het restant, eigenlijk houtskool eruit gehaald en in water afgekoeld. Daarna werd het brood in blikken blakers in de oven gedaan. De houtskool werd kosteloos aan de bevolking van Nieuw-Nickerie geschonken. De bakkerij stond bekend om haar grote en kleine puntbroden met een streep in het midden, red bread, turn over, block mouth en bons.

Achtergrondinformatie over Nickerie

In die dagen was het centrum van Nieuw-Nickerie al voorzien van elektriciteit. In hetzelfde gebouw van de elektriciteitscentrale aan de West Kanaalstraat was er een soft fabriek (limonade) ondergebracht. Pas later kwam de soft fabriek van de firma Tjon Tjon Lieuw, TTL genaamd. Kaka oftewel Clara Coutsh was kokkin bij de familie Hawker en ze had een bevoorrechte positie. In die dagen van de balatatijd werd er aardig wat sterke drank genuttigd in de Chinese winkels, ook door vrouwen, zo ook door Kaka.”

Christina Eleonoora Emanuelson-Wielzen

Christina Eleonoora Emanuelson-Wielzen werd op 5 januari 1931 geboren en woont aan de Statenweg nummer 44, het huidige Arnold Julenweg. Als kind woonde zij aan de Landingstraat, nabij de huidige Achterdam.
Christina Eleonoora Emanuelson-Wielzen: “De familie Hawker was een vooraanstaande rijke Creoolse familie in Nieuw-Nickerie. De grootvader had het uiterlijk van een Braziliaan en hij was een zeer sociaal bewogen mens. Zijn zoon Ludwig Hawker was getrouwd met Delia Hawker en samen hebben zij twaalf kinderen gekregen.

Over de bakkerij

De familie Hawker heeft veel brood en banket destijds aan minder bedeelden geschonken. Nadat Ludwig weer was komen wonen in Nieuw-Nickerie kreeg hij de leiding van de bakkerij. Toen hij ziek werd en niet meer kon werken werd de bakkerij verkocht aan een zekere heer Renardus. Hij brak het huis van Eduard Hawker af en bouwde een soda fontain daarvoor in de plaats. De bakkerij bleef enige tijd nog operationeel, maar dat was van korte duur. Hiermee ging een stukje van de cultuur uit Nieuw-Nickerie verloren. Aan het eind van het jaar zouden de vrouwen niet meer komen om hun cake te bakken. Daarna werd het pand verhuurd aan het Ministerie van Justitie en Politie. In die tijd kende Nieuw-Nickerie de bakkerij aan de Oostkanaalstraat en dat van de familie Beck op de hoek van de Emma- en Voorstraat. Hawker Bakkerij stond bekend om haar lekkere kleine en grote puntjes, gevlochten brood, bons, red bread, turn over, baster poon, finga kuku en broodbeschuit.

Achtergrondinformatie over Nieuw-Nickerie

Het centrum van Nieuw-Nickerie omvatte in die dagen de Voor- (Maynard) en Achterstraat (Doergastraat) en de Waterloostraat en Margarentenburgstraat. De Oranje Nassaustraat werd later de Bharosstraat, de Hernhutterstraat werd later de Lashleystraat en de Sint Alfonsusstraat werd later de Wixstraat. In het centrum was er al elektriciteit, maar leidingwater ontbrak. De bevolking kon regenwater kopen uit regenbakken bij de Hervormde Kerk, op de hoek van de Lashley- en Bharosstraat en bij de EBG-kerk. De familie Dawson op de hoek van de Gouverneur- en Wilhelminastraat verschafte de bevolking gratis drinkwater. Het militaire kampement was destijds gelegen aan de Bharosstraat; later verhuisde het naar de weg naar Zeedijk. De Nickerianen haalden ook water uit het zoetwaterkanaal tussen de Oost- en West Kanaalstraat.

Ronald Julen

Ronald Julen weet in feite weinig over Nieuw-Nickerie. Hij verhuisde op 10-jarige leeftijd naar Paramaribo toen zijn moeder overleed. Hij keerde in 2007 terug naar Nickerie toen hij met pensioen ging.
Ronald Julen: “Na school kwam ik regelmatig bij de bakkerij langs. Ik kreeg van mijn oma Kaka een grote Quaker Oates blik met voeding mee voor mijn overgrootmoeder die bij ons te Margarethenburg inwoonde. Ik noemde mijn grootmoeder Kaka. Ze stond ook bekend als sus Clara Coutsh, maar haar eigenlijke naam was Flora Gooding. Naast de warme maaltijd waren er veelal brood, broodbeschuit en stukjes banket bij. Ik weet dat het gezin Hawker kinderrijk was. Aan de overkant van de bakkerij stond er een klein huisje, beschikbaar gesteld door de familie Hawker voor Kaka. Van Kaka was bekend dat ze graag een borrel dronk en vaak ook dronken was.”

Drie generaties

Albert Eduard Hawker was de eerste Nickeriaan met een radio. De radio was eigenlijk gemeenschap goed. Elke middag kwamen mensen luisteren naar de radio. Ze werden vaak boos als de radio uitging, omdat de hij naar bed wilde. In het huis stond een platenspeler. Zijn vrouw had een broeikast om kippeneieren te laten uitbroeden tot kuikens. Albert Eduard Hawker stierf op 11 december 1961. Op deze zelfde dag kregen Delia en Ludwig hun zoon Albert Juliën Hawker. Dus de familie kende Albert Eduard Hawker, Ludwig Albert Hawker en Albert Juliën Eduard Hawker. Het huis was witgeschilderd met groene ramen. Ludwig en Delia hebben 12 kinderen gehad, waarvan een reeds is overleden, namelijk Wilfred Edgar Hawker. Ludwig had voor het huwelijk met Delia twee voorkinderen, Walther Tolud en Mavis Hawker.